Tijdens een orthodontische behandeling is het vaak nodig verschillende soorten beugels gelijktijdig of direct na elkaar te gebruiken. Je kunt daarbij meestal niet kiezen, want de keuze voor een bepaalde beugel hangt vooral af van het doel dat we ermee willen bereiken. Je kunt het vergelijken met een vervoersmiddel: met een auto kan je niet vliegen en een vliegtuig is niet geschikt om de weg op te gaan. Het doel bepaalt dus welk middel je gebruikt, net als bij een beugel.
Een goede mondgezondheid en een goede motivatie van de patiënt, hebben een positief effect op de duur van de behandeling. Dus goed poetsen!
Hieronder kun je meer lezen over de verschillende beugels.
HeadGear (Buitenbeugel)
De officiële naam voor de buitenbeugel is ‘headgear’. De buitenbeugel bestaat uit twee metalen bogen, één in de mond en één buiten de mond. Van de binnenboog moeten de uiteinden in kleine buisjes worden geschoven, die aan de ringetjes om de kiezen zitten. Deze binnenboog zit met een metalen verbindingsgedeelte aan de buitenboog (facebow) vast. Aan de buitenboog kan een band in de nek of een petje op het hoofd worden vastgemaakt. De buitenbeugel is bedoeld om ruimte te maken in de bovenkaak. Een buitenbeugel wordt vaak met een ‘activator’ of een vaste beugel gecombineerd. De patiënt kan deze buitenbeugel zelf in de mond zetten en hem er weer uit halen.
Aktivator (Blokbeugel)
Het belangrijkste doel van de blokbeugel is de groei van de onderkaak te stimuleren. Zo wordt de voor- achterwaartse verhouding van de onder- en bovenkaak op elkaar afgestemd. Dit is heel vaak nodig voordat je met een andere beugel (bijvoorbeeld een vaste beugel) de tanden en kiezen recht en goed passend op elkaar kunt gaan zetten.
Forsus (veren)
Een andere manier om de onderkaak in groei te stimuleren is het dragen van ‘Forsus’. Dit zijn veren die vastgemaakt worden aan ringetjes op de achterste kiezen in de bovenkaak. Met een duwstangetje worden deze veren verbonden aan de onderkaak. De veren kunnen alleen gedragen worden in combinatie met een slotjesbeugel. In tegenstelling tot de blokbeugel kunnen de veren niet uit de mond genomen worden door de patiënt zelf.
Vaste apparatuur: Slotjes
Verder is er de vaste beugel. De vaste beugel, die ook wel ‘slotjesbeugel’ wordt genoemd, kan niet uit de mond worden genomen. De vaste beugel bestaat uit slotjes (brackets) die op de tanden worden geplakt. Om de kiezen zitten meestal metalen ringetjes (banden). Op de ringen zitten kleine metalen buisjes. Door de slotjes en buisjes loopt een veerkrachtige draad. Door middel van vaste apparatuur (de slotjes) kunnen de tanden en kiezen afzonderlijk van elkaar worden verplaatst.
Lipbumper (Denholz)
De lipbumper is een klein binnenbeugeltje dat ruimte kan maken in de onderkaak. Deze beugel wordt in de buisjes geschoven die op de ringetjes om de achterste kiezen zitten. Door de lip die over de bumper heen valt komt er kracht op de kiezen waardoor ze naar achteren verplaatsen.
De mondtrainer
De mondtrainer is een kunststof ‘bitje’ die gebruikt wordt om mondgewoontes te beïnvloeden. Door het dragen van de trainer worden de tong en lippen geholpen om de juiste positie aan te nemen. Kinderen en volwassenen die afwijkende mondgewoontes hebben, zoals mondademhaling of tongpersen, worden door middel van deze trainer gestimuleerd om de afwijkende mondgewoontes te verbeteren.
Spin
Het ‘sutuurexpansie-apparaat’, ook wel ‘spin’ genoemd, dient voor het verbreden van de bovenkaak. De sutuur is een botnaad (een beetje te vergelijken met een fontanel) die bij groeiende kinderen verbreed kan worden. Door middel van een klein sleuteltje wordt er aan de spin gedraaid waardoor de bovenkaak verbreed. Dit gebeurt in een tijd van ongeveer 1 à 2 weken. In het begin ontstaat er een grote ruimte tussen de voortanden. Als de bovenkaak voldoende verbreed is, blijft de spin nog een periode in de mond om bot ingroei te krijgen in de vergrootte botnaad. De ruimte tussen de voortanden wordt weer langzaam kleiner en zal na verloop van tijd weer helemaal verdwijnen.
Palatinale bar
De palatinale bar is een dikke draad die, net als de spin, aan de binnenzijde van de grote kiezen in de bovenkaak wordt bevestigd. Hij loopt langs het verhemelte en verbindt de ene kies met de andere kies. Deze beugel dient als verankering en enige verbreding van de bovenkaak.
Spalken
Aan het einde van de behandeling wordt de beugel verwijderd. Alle slotjes en ringetjes worden uit de mond gehaald en alle lijm wordt verwijderd. In de meeste gevallen worden kleine ijzerdraadjes (spalkjes) achter de voortanden bevestigd. Dit als retentie (houvast).
Hawley retainer
Een andere retentiemogelijkheid is een uitneembaar kunsthars plaatje (hawley) wat tegen het gehemelte gedrukt wordt. Hierbij loopt een ijzerdraad aan de voorkant over de voortanden zodat de tandboog boven vastgehouden wordt. Dit plaatje wordt dag en nacht gedragen en na een aantal maanden mag dit afgebouwd worden naar alleen de nacht.
Webdesign en ontwikkeling door Laurens Bruijn